Col du Grand Colombier
Col de Berentin
Col de la Croix de la Serra
Verplichte rustdag vandaag, je moet wat als de Franse Spoorwegen staken. Mooie gelegenheid om Luxemburg stad te verkennen. Wat blijkt: het is de nationale feestdag, alle winkels dicht maar wel overal podia met muziek. Ook een militaire parade waar de groothertog acte de présence gaf en volgens mij het complete Luxemburgse leger langs kwam. De Luxemburgers spreken een raar mengelmoesje dat ik nog het meest op Switcher Deutsch vind lijken. Gelukkig kom je met Frans of Engels overal terecht. Aan het eind van de middag reed ik op de fiets nietsvermoedend rond, werd ik ineens van de weg getoeterd en, ja hoor, de groothertog kwam langs in zijn limousine, zie foto. De politie agente langs de kant van de weg kon wel lachen om zo'n domme toerist, een bewijs van de relaxte sfeer waar ze hier met hoogwaardigheidsbekleders om gaan.
Kortom ik heb me wel vermaakt, ook omdat alle terrasjes wel open waren.
Over de D620 ga ik van Chalabre naar Limoux nog steeds over het parcours van de Tour van gisteren. Het is heuvelachtig geworden en 10 kilometer voor Limoux komen de eerste wijnvelden in zicht: de Languedoc. In Limoux zijn ze de laatste resten van de start van de etappe van gisteren aan het opruimen. Het landschap krijgt een voornamelijk mediterraan karakter met grove den, cipressen en luid getsjirp van de krekels. De cité van Carcasonne is al van ruime afstand zichtbaar en ik vind een hotel net onder de heuvel zodat ik makkelijk de cité kan bezoeken (een aanrader!!).
Dit is mijn laatste etappe van de 100 cols voor dit jaar. Ik zit 3 weken op de fiets, heb enorm genoten maar het thuisfront is er ook nog.
Ik heb zowel qua afstand als hoogtemeters de helft van de 100 cols route er op zitten. Ik heb 2021 km van de route gefietst en bijna 30 km aan hoogtemeters weg getrapt.
Col(letje)s:
Col de St.Benoit
Col de L'Espinas
Col d'al Bosc
Col du Loup
Wat een dag als je de Tour de France kruist.
Vroeg opgestaan en vroeg ontbeten want als je een stukje van het etappe parcours fietst, wil je niet dat je tegen gehouden wordt. Better save than sorry. Om 9:00 ben ik in Massat waar ik het parcours van vandaag (weliswaar komen de renners hier pas aan het eind van de middag langs) op rij. De weg wordt om 12:30 afgesloten dus ik ben mooi op tijd. Een paar kilometer licht klimmen en dan ben ik aan het begin van de Col de Péguère. De auto's staan nu al aan de kant van de weg, vaak met tenten waar ze de nacht in door gebracht hebben. En dan moeten ze nog 8 uur wachten voor de renners langs komen. Het begin van de Col de Péguère is afgezet met rood-witte pylonnen met daarachter 2 gendarmes met de armen over elkaar en een strenge blik. Ik switch naar nederigheid mode en vraag heel voorzichtig: "La route est barrée?". "Bien sur....... mais un vélo peut passer" en hij verschuift een pylon zodat ik er langs kan. De Col de Péguère is een smal boeren weggetje die ze tegen de berg aangeplakt hebben en waar maximaal 3 renners naast elkaar kunnen rijden. In de 1ste kilometer ver boven de 10% met maxima van 18%. Met 5 à 6 km/uur kruip ik naar boven af en toe "attention" roepend als ik wandelaars wil inhalen. Mensen zoeken al de beste plekjes en ik krijg af en toe een zetje mee. Ik klim samen met iemand die er Spaans uit ziet en vraag "Espagnol?" en krijg als antwoord "Non, Basque". Ik begrijp het sentiment en had het kunnen weten gezien zijn oranje Euskatel tenue. We bereiken samen om ca. 10 uur de top waar de chaos al zienderand begint toe te nemen. Men is druk bezig de dranghekken vast te zetten en iedereen moet er (onder protest) al achter. Het parcours volgend voor een lange afdaling naar Foix waar ik in het centrum lunch bij de finish en de (nu nog lege) commentaar boxen. De speaker doet al zijn best en er is een hoop gedoe. Na anderhalf uur heb ik genoeg van het doelloze lawaai en volg het afgezette finish parcours om terug op mijn route te komen. Het 1-km-tot-de-finish doek staat en hangt voor de afslag die ik moet nemen zodat ik hem straal voorbij rij. Een behulpzame gendarme helpt me op de goede weg. Één km verder fiets ik weer in volstrekte rust met af en toe een auto door de uitlopers van de Pyreneeën. Zo was ik het gewend. 25 km later zie ik in Laroque d'Olmes een hoop mensen op de weg staan. Route barrée!! Dat kan maar 1 ding betekenen, het peloton komt langs. En, ja hoor, na 15 minuten komt de kopgroep langs en even later het peloton. Ik kruis nu letterlijk de Tour de France route als ik mijn weg vervolg op de weg waar ze net vandaan kwamen. Overal nog kraampjes en mensen die zeggen dat ik de verkeerde kant op rij, leuk. In Chalabre waar ik een hotel heb gereserveerd is men nog aan het bijkomen van het peloton dat voorbij gekomen is en mijn kamer is nog niet gereed. "Ce n'est pas grave" glimlach ik na een enerverende dag en installeer me aan de bar voor een welverdiend biertje.
Cols:
Col des Caougnous
Col de Péguère
De Agnes was me niet goed gezind vandaag: toen ik opstond was het bedekt en er hingen wolken rond de bergtoppen. Het werd er niet beter in de loop van de morgen dus toch naar op weg. Na Aulus les Bains begon het te mist miezeren en dat bleef zo tot de top. Natuurlijk doorgezet voor deze belangrijke col, maar meer dan een snelle colbord foto kon er echt niet van af. Snel dezelfde kant afdalen en bibberend snelde ik het restaurant in Aulus les Bains binnen voor de lunch. De open haard was aan dus ik kon me lekker opwarmen tezamen met 2 "lotgenoten", een Fransman en een Schot. Wat bleek: ze spraken alle twee Nederlands. De Fransman woonde in Noord-Frankrijk en had een tijd in Vlaanderen gewerkt. De Schot had een tijd in Den Haag gewoond en ondanks dat al die Nederlanders waar hij mee converseerde constant naar Engels switchten toch een aardig woordje Nederlands geleerd. Met langzaam praten mijnerzijds konden we een leuk gesprek voeren, weer eens wat anders. Na anderhalf uur opwarmen terug naar Oust waar een warm bad me werkelijk weer op temperatuur bracht. Het hotel druipt nu echt vol met Fransen die morgen de tour willen kijken, de eigenaresse vroeg me 's avonds al de rekening te betalen vanwege de grote uittocht morgen.
Cols:
Col d'Agnes
Toen ik de hotellier in St. Lary gisteren, na het diner, mijn Quatorze Juillet op zaterdag issue voorlegde begreep hij mijn probleem: hij zat dan zelf ook vol. Na enig nadenken en met glinsterende ogen pakte hij de telefoon, belde zijn Logis collega in Oust en na enkele staccato Franse zinnen die ik nauwelijks kon volgen had hij het geregeld. Ik kon vandaag en zaterdag in het Hostellerie de la Poste in Oust verblijven. Hoezo zijn Fransen niet behulpzaam? Dat betekent wel dat ik mijn schema iets moest omgooien maar dat heb ik er graag voor over. Vandaag 2 collen zoals ik gepland had en zaterdag mijn koninginnenrit (niet qua moeilijkheidsgraad maar qua naam) de beklimming van de Col d'Agnes. Zondag de beklimming van de Col de Péguère en de afdaling naar Foix en daarna richting Carcasonne en een hotel in Chalabre. De beklimming van de Col de Péguère en de afdaling naar Foix zitten ook aan het eind van de spannende tour etappe van zondag, ik doe het 's morgens vroeg, een verdwaalde fietser laten ze er dan wel langs op het parcours, maar spannend blijft het wel.
Terug naar vandaag. Het was strak blauw toen ik wakker werd en dat is de hele dag zo gebleven. De beklimming van de Col de la Core vond daarom onder ideale omstandigheden plaats. Bij het begin van de klim (nog 13 km te gaan) zie je de top al onwaarschijnlijk ver liggen en in lange slagen kom je steeds dichterbij. Boven een onbeschrijflijk mooi en ver uitzicht naar alle kanten met soms nog plukken sneeuw. Na de afdaling lunch in Seix. Hierna de beklimming van de Col de Latrappe, niet moeilijk maar in de significant toegenomen warmte toch zwaar. Afdalen naar Aulus les Bains en daarna door de vallei richting Oust. Het plaatsje Oust is van het soort 2 huizen en een kippenhok maar heeft wel een uitstekend hotel en een uitstekende keuken. Geen fratsen, gastvrij, oog voor de (veelal buitenlandse) gasten, zo heb ik het graag.
Cols:
Col de la Core
Col de Latrape
Het NL echtpaar heeft het kasteeltje 7 jaar geleden gekocht. Het was toen een ruïne en ze hebben 1 jaar met hun caravan in de tuin moeten staan voordat het enigszins bewoonbaar was. Hij heeft nu zijn eigen constructiebedrijf want alleen van de verhuur kunnen ze het niet rooien. Respect, zie http://www.chateau31.com/. Het was weer eens wat anders om te kunnen ontbijten met Marco Borsato en Doe Maar op de speakers en hagelslag en muisjes als beleg optie.
De afstand vandaag is niet lang maar met 2 steile cols is het wel een zware dag als je met bagage fietst. En ik heb mezelf beloofd niet meer dan 2 cols per dag te doen, het moet wel leuk blijven en deze 2 cols lagen toevallig dicht bij elkaar. Het was nog een beetje mistig maar je had wel het idee dat het ging opklaren en dat deed het ook in de middag. De Col de Menté is een vervelende onregelmatige klim van 9 km lang. Op de top even bijkomen in het restaurant en daarna afdalen naar de start van de Col de Portet d'Aspet. Deze col heeft een zeer steil middenstuk met gedeeltes van 16%. Het was in de bocht na dit steile middenstuk dat Fabio Casertelli in 1995 in de afdaling onderuit ging en overleed. Er staat een herinneringsfoto bij het muurtje waar hij overleed en een groot marmeren monument 50 meter verderop. Even bezinnen en dan weer door. Boven op de top was het zonnig (dat was lang geleden) en een kleine afdaling bracht mij in St. Lary waar een Logis nog een kamer voor me had.
Ook een reden dat ik zo vroeg stopte was om voor zaterdag een hotel te regelen in Foix. Niet gelukt (Office du Tourisme kon me ook niet helpen) omdat het zaterdag Quatorze Juillet is en alle Fransen er op uit trekken en de tour komt ook nog eens langs op zondag. Quatorze Juillet op zaterdag, ik had het kunnen weten, simpelweg niet aan gedacht, stom. Ik heb gelukkig een alternatief, morgen de details. Bij een avontuur is er een oplossing voor elke "tegenslag".
Cols:
Col de Menté
Col de Portet d'Aspet
Gisteravond in het hotel gedineerd met een Amerikaanse docent aan de universiteit van Tucson die ieder jaar komt fietsen in de Pyreneeën. Dit jaar dus Arreau als standplaats en alle collen in de omgeving doen. Hem bevalt de relaxte sfeer en gastvrijheid in deze omgeving wat ik alleen maar kan beamen. Ik vertelde mijn verhaal over mijn gebroken bout en hij kende de fietsenmaker in Argelès-Gazost waar ik langs was geweest. Wat is de wereld weer klein. Vanmorgen nog samen ontbeten, gegevens uitgewisseld en daarna op weg naar de volgende col: de Peyresourde waar de tour bijna ieder jaar langs komt, ook dit jaar. Een klim van meer dan 10 km in, jawel, weer de mist. In het restaurant op de top (Wim: de houten puzzels lagen er nog) kwamen 2 Nederlandse 100-collers binnen. Zij waren bezig met hun 2de col van de dag maar zij namen geen bagage mee op de fiets omdat ze een begeleidingsbusje hadden. Dat busje was in geen velden of wegen te bekennen dus zij daalden bibberend af in de mist met alleen maar armstukjes. Ik heb alles bij me dus ik ga "luxe" naar beneden: beenstukken, 4 lagen kleding en winterhandschoenen. Elk nadeel heeft zijn voordeel. De volgende col (Port de Balès) boezemde me angst in omdat ik dacht dat het weer zo'n smal boerenweggetje was dat ze tegen de berg aan hadden geplakt. Niets bleek minder waar omdat de relatief brede weg leidde naar een mini-wintersportplaatsje met daarna nog 6 km geleidelijke haarspelden naar de top in de, hoe kan het anders, mist. De afdaling was andere koek, veel steiler en langer, mijn vingers waren helemaal verkramd van het remmen. Mijn afdaling gaat de tour omhoog op 19 juli, dat wordt een slagveld. Het enige hotel in St. Béat was inmiddels gesloten dus via het Office du Tourisme een chambre d'hote in een klein kasteeltje beheerd door een NL echtpaar. Zij waren al helemaal aangepast aan de relaxtheid en laissez-faire van hun Franse omgeving.
Cols:
Col de Peyresourde
Port de Balès
Deze dag en de komende dagen zijn de dagen met weinig kilometers maar veel hoogtemeters. Alle bekende cols van de Tour komen langs, ik doe ze van west naar oost, de Tour dit jaar van oost naar west. Vandaag een kraker, de Tourmalet, met een klim van 19 km die ik in 2 uur continu fietsen heb volbracht. De rustdag heeft me goed gedaan. De klim begon in de mist maar na Barèges kwam de zon er door en dat bleef zo tot de top. Op de col in de warme zon een prachtig uitzicht over de wolken. In de afdaling begon de mist al na 1 km dus voorzichtig afdalen met warme kleren en winterhandschoenen. In St. Marie-de-Campan in het dal was het koud dus lekker binnen zitten voor een paar bakken koffie. Dat zijn de contrasten in de Pyreneeën: de dalen zijn vaak kouder dan de toppen. Dat beloofde niet veel goeds voor de Col d'Aspin die 600 meter lager is dan de Tourmalet en, jawel hoor, de top was in de mist. Mijn fiets (een Stevens Aspin) verbroederd met de berg en snel naar beneden naar Arreau in de zon. Weer een Logis met een zwembad maar het dobberen duurde niet lang omdat het snel dicht trok met veel wind maar geen regen. Zoek je een gebied met iedere dag ander weer en zelfs binnen een dag grote contrasten, de westelijke Pyreneeën is your choice.
Cols:
Col du Tourmalet
Col d'Aspin
Vandaag een rustdag ingepland maar dat liep even iets anders. Heerlijk rustig aangedaan en in de loop van de morgen rustig peddelend naar Luz-St. Saveur aan de voet van Col du Tourmalet. De Gorges de Luz zijn prachtig, steile rotswanden waar de rivier en de weg zich doorheen perst. Een kilometer voor Luz in één keer: pang. Mijn zadel zat los en na een klein onderzoek bleek dat mijn zadelbout (de bout waarmee mijn zadel aan mijn zadelpen vastzit) het te hebben begeven. Dat is toch minstens een M8'tje, hoe kan die nu breken? Metaalmoeheid? Fabricagefout? Juist op dat moment stopt een Engels stel waarmee ik 's morgens nog bij het hotel gesproken had naast me. Ze brachten me met de fiets in de achterbak naar Luz. In Luz kon niemand me helpen maar zeiden ze dat er wel een fietsenmaker was in Argelès-Gazost (waar ik 's morgens vandaan kwam). Er ging wel een bus terug naar Argelès-Gazost. Na een half uur wachten komt de bus maar de chauffeur zegt gedecideerd "non", er mag geen fiets mee. Damn, wat nu? Er zit maar één ding op: staand op de pedalen terug naar Argelès-Gazost wat gelukkig een afdaling is. De fietsenmaker was natuurlijk met siësta dus: rustig aan, pas je aan aan de Franse slag en ga eerst lunchen. Na de lunch naar de fietsenmaker die me meteen hielp. Dezelfde bout had ie niet maar wel een nieuwe zadelpen. Dus: nieuwe zadelpen er in en mijn zadel er op gemonteerd. Hij vroeg nog of ik mijn oude zadelpen wilde meenemen, dacht het niet. Nu weer terug naar Luz en daar een hotel gevonden. Avontuur? Dacht het wel. Rustdag? Voor mijn benen wel, maar voor de rest....
Cols:
Geen
Gisteravond was er regen voorspeld voor vandaag maar vanmorgen was het bewolkt maar droog. Bij de check op www.meteo.fr bleek dat binnen 8 uur de voorspelling aangepast was van hele dag regen naar een droge dag. Zoals de hotelier al zei: we leven hier van dag tot dag, elke weersvoorspelling in de Pyreneeën is roulette, zeker voor de lange termijn. Toch maar op weg (bij regen had ik een rustdag ingepland, het moet wel leuk blijven) en het bleef de hele dag droog. De 1ste col de Marie Blanque was 11% en meer in de laatste 4 km en dus op overleef stand naar boven. Afdalen naar Bielle en Laruns en lekker geluncht. Ik zag al dat de Aubisque in de wolken lag en, inderdaad, na het skiplaatsje Gourette reed ik de wolken in. De top van de Aubisque lag dan wel in de wolken maar het zicht was nog vrij goed. In de afdaling even stoppen bij het monument voor Wim van Est (je weet wel, van dat Pontiac verhaal) en daarna uit de wolken een prachtige afdaling dicht langs rotsen: het ultieme alpine gevoel voor mij. Ik voelde mij moe, 2 cols per dag met bepakking blijkt erg zwaar en ik denk er hard over een rustdag in te plannen. Zeker omdat het zeker is dat het weer onbestendig blijft voor de komende dagen. For what it's worth: morgen wordt de hele dag regen voorspeld. Eerst maar een nachtje over slapen want er zijn nog andere opties. Het hotel heeft wifi en ik ben connected maar het internet op, dat wil niet lukken. Samen met de eigenaar proberen te debuggen, maar we komen er niet uit. Geen skypen dus vandaag. Als je dit verhaal leest is het me gelukt om bij het restaurant voor het diner het verhaal te submitten.
Cols:
Col de Marie Blanque
Col d'Aubisque
Col du Soulor
Col de Bordères
Vandaag de 1ste zware Pyreneeën dag.
Bij het vertrek bij hotel stopt er een auto naast me en vraagt mij de weg naar iets. Ik antwoord: "Je ne suis pas connu ici, demande à l'hotel" en wijs naar een parkeerplaats even verderop. Ik ben 10 meter verder en ik hoor opeens boem. Blijkt die sukkel achteruit gereden te hebben en op zijn achterligger gebotst te zijn. Een hoop gescheld, ik denk ik hoor hier niet bij en rij door.
De 1ste col, de Col de Burdincurutcheta, is 9 km meer dan 10% wat in de koelte van de morgen, weliswaar met veel kracht, te doen is. Na 9 km kom ik op een plateau waar de steilte naar 8% gaat. Echter, er waait een wind kracht 5 à 6 tegen met als gevolg dat dit ook als meer als 10% aanvoelt. Een kleine afdaling leidt mij naar het begin van de volgende col: de Col Bagargui. Ondanks enkele steile stukken goed te doen. Na de afdaling lunch ik Larrau, waar ik uit Frans Baskenland geraak, waarna mij de laatste col van de dag wacht: de Col de Soudet. Dit is een kreng van 13 km lang die zeer onregelmatig is. Ik kan moeilijk in een ritme komen en moet regelmatig stoppen om af te koelen want het is heel benauwd en flinke stukken heel steil. Uiteindelijk toch boven maar het duurde langer dan gedacht. Na een lange afdaling bij het hotel aangekomen bleek er, surprise, een zwembad bij te zitten. Blijk ik mijn zwembroek niet voor niets meegenomen te hebben. Het diner is, zoals een Logis betaamt, uitstekend. Ik bestel weer truitelles (kleine truite of terwijl forel) wat mij erg aan sardientjes van vakanties lang geleden in Noord-Spanje doet denken en smaken. Mijn ouders, broers en zus weten wat ik bedoel.
Cols:
Col de Burdincurutcheta
Col Bagargui
Col de Soudet
Vandaag was bedoeld als semi-rustdag gezien alle Pyreneeën cols die er nu aankomen. Vandaag is het gelukkig droog en passeer ik de laatste bastides waarvan Navarrenx de mooiste is omdat al zijn buitenmuren nog staan. Alle plaatsnaamborden hebben ook de (onuitspreekbare) Baskische/Occidentaalse naam er bij staan wat mij een Limburgs gevoel geeft waar de onuitspreekbare carnavalsnaam er onder staat. Ook de 2 eerste Pyrenreeën cols die ik vandaag heb gedaan hebben een Baskische naam: de Col d'Osquich en de Col de Gamia. De 1ste col was een inkomertje maar de 2de had een stuk van 3 km gemiddeld 12%. Dat was aanpoten zeker met bepakking. Toch bevallen me dit soort cols veel beter dan dat rollende landschap. Ik ben een diesel, en met het ouder worden steeds meer: langzaam op gang komen en een ritme pakken waarvan je weet dat je het lang kunt volhouden. Bij dat rollende landschap ben je al boven als je je ritme nog niet gevonden hebt, moet je afdalen en weer je ritme zoeken bij de volgende heuvel. Voor mij veel vermoeiender. De 2 cols gebruikte ik ook als test hoe het met mijn (been)vermoeidheid stond na anderhalve week in het zadel: geen problemen. St. Jean-le-Vieux ligt ook op de pelgrims route en ik schat de verhouding wandelaars fietsers op 1 op 1. De menukaart wordt ook steeds Baskischer dus ik experimenteerde met een mij onbekend gerecht. Verassing: ik kreeg inktvis, laten we het er maar op houden dat we niet zo ver van de Atlantische Oceaan zijn. Gelukkig was de naam van mijn favoriete Franse dessert nog wel in het Frans: tarte au citron.
Het Skypen met bet thuisfront gaat ook steeds beter. Ik met mijn Samsung Gio (basic en licht, elke gram telt) en Agnes met de iPad kunnen goede gesprekken voeren vooropgesteld dat ik bij de receptie zit waar de wifi ontvangst 2 streepjes of meer is. Op alle kamers tot nu toe kom ik niet boven 1 streepje uit waarbij Skype er de brui aangeeft met niet aankomende en/of afgebroken gesprekken.
Cols:
Col d'Osquich
Col de Gamia
Toen ik uit Vic-Fézensac weg reed kwam ik langs de arena dus toch? Het heeft vannacht flink geregend en overdag ging dat dunnetjes door. Een regenkleding dag dus. Een groot gedeelte van de morgen was het ook nog eens gravillon (=grint) dag. Kilometers lang ligt er los grind op de weg die automobilisten mogen inrijden. Arme fietsers zoals ik mogen om het losse grind heen laveren wat zeker in een afdaling geen sinecure is. Er is ook een snelheidsbeperking maar de meeste auto's houden zich hier niet aan en zo wordt je ook nog eens bekogeld. Net als gisteren was het een rollend heuvel landschap met bastide plaatsjes op de top. Een van deze bastides (Garlin) had een uitstekende pizzeria voor de lunch. Het ging vandaag in noordwestelijke boog om Pau heen langs smalle weggetjes waar je nauwelijks een auto tegen kwam. De hele route gaat langs dit soort weggetjes om de natuur ongehinderd te ervaren, de drukke N- en D-wegen worden puur als verbindingsstuk ingezet. Maslacq ligt op de pelgrimsroute (Santiago de Compostella) en ik had bij het diner een lang gesprek met een Duitser die deze route als het even kan met een hangmat als slaapplaats loopt. Me dunkt ook een uitdaging.
Geen cols vandaag (die komen morgen), alleen maar côtes.
Het was vandaag een dag van bastide plaatsjes en rollende heuvels met graan, zonnebloemen (die nu wel open waren) en wijnranken. Na vele dagen met alleen maar zonneschijn vandaag een dag met buiige regen. Ik moest regelmatig even schuilen. Een keer schuilde ik onder een boom op een heuvel, kwam er ook nog een onweersflits voorbij. Ik had het even niet breed maar gelukkig liet de klap lang op zich wachten en verwijderde het onweer zich ook. De bastide Puymirol moest ik na een stijle klim dwars door, maar helaas geen col dus hij telt niet echt mee. Er was weer een groot gebrek aan restaurants voor de lunch dus plunderen van een lokale casino was het devies. Je kunt merken dat Vic-Fézensac in Frans Baskenland ligt: de bewoners zien er anders uit, spreken een raar soort spaansachtig Frans en de muren hangen vol met stierengevecht aankondigingen (of is dit slechts show?). Ook hebben ze hier de rare gewoonte alle restaurants op woensdagavond dicht te doen. Gelukkig kon men mij dirigeren naar een pizzeria die open was.
Geen cols vandaag alleen maar côtes.
Vanwege het verwachte pufjesweer in de middag opnieuw vroeg om 8:00 vertrokken. Het voordeel was dat ik om 9:00 bij Rocamadour aankwam en de busladingen vol met touristen nog niet gearriveerd waren. Ik kon rustig aan een van de bars als 1ste gast een koffie bestellen. 's Morgens vroeg is Rocamadour het mooist omdat de zon er dan laag recht op schijnt. Twee jaar geleden was ik hier met Agnes en de kinderen ook en toen beloofde ik mezelf dat ik hier, bij leven en welzijn, op de fiets langs zou komen. Droom verwezenlijkt. Het mooie vestingplaatsje Gourdon was een chaos omdat er markt was en iedereen en alles met de auto naar het centrum wilde. Met de fiets laveerde ik glimlachend overal langs, waarom komen niet meer mensen op dat idee? Het passeren van de rivier de Lot kondigt het afscheid van de Dordogne aan, de Garonne is niet ver meer en zal ik morgen passeren. Tournon-d'Agenais is een prachtige middeleeuwse bastide op een strategische heuvel. Als ik aankom is het hele dorp nog in siësta mode behalve een bar waar ik me aan mijn dagelijkse halve liter bier laaf (bier is een hersteldrankje of is dat wishful thinking?): Hoegaarden wit van het vat, ik kan het nauwelijks geloven maar het is echt zo. Het hotel midden in het dorp had eigenlijk geen plaats meer, maar ze prefereerden een bezwete en vermoeide fietser die wel betaalde boven een reservering die ze niet bevestigd kregen: sympathiek zoals alle Fransen die ik onderweg tegen kom.
Geen cols vandaag alleen maar côtes.
Als je wakker wordt van koebellen en door het raam schijnt de zon op de heuvels van het vulkaanlandschap van het Centraal Massief, dan is dat eem mooi excuus om even te genieten en wat langer te blijven liggen. Om 8:30 ontbijten en om 9:00 op weg. Een lange afdaling kondigt het einde van Centraal Massief aan en departementsbordje Lot maakt het helemaal zeker dat je een andere streek van Frankrijk in gaat rijden: de Dordogne. Lunchen in Laroquebrou met zijn mooie kasteel op de heuvel. Frankrijk heeft ook last van het maandagmorgen syndroom: niks is open behalve de lokale supermarkt. Dan maar voorverpakte pain au chocolats en een liter vruchtendrank dat ik verorber op een bankje langs de rivier. De middag verloopt zonder veel ophef totdat ik na een klim in Loubressac aankom. Het uitzicht over de vallei is prachtig en er is een Logis de France met kamers met uitzicht over deze vallei. De geest wint het van de fysiek (mijn benen konden nog wel minstens een uur fietsen aan). Deze keer staat het genieten voorop. De ober wijst bij het diner door het raam aan waar mijn wijn vandaan komt: van de andere kant van de vallei. Een prachtige zonsondergang maakt het plaatje compleet maar dan besef je wel dat je maar alleen bent en het mooi zou zijn als vrouw en kinderen er ook bij zouden kunnen zijn.
Cols:
Col de Bruel
God was niet zo blij met zijn zetel vandaag. Het onweerde flink 's nachts en toen ik wegreed was de laatste bui net geweest. Nog wel erg mistig en ook een stuk kouder: 14 graden. Ter compensatie van de afgelopen dagen sloeg de pendule nu wel flink de andere kant uit. Maar 2 bidons gebruikt vandaag en het water bleef koud, wat een contrast met gisteren. Vanwege de lagere temperaturen bleef de temperatuur van mijn machine binnen de marges en kon ik in "normaal" tempo de cõtes en cols op. Een mede 100-coller die gisteren ontmoet heb en samen mee gedineerd had liet ik snel achter mij maar dat was ook niet zo vreemd aangezien hij een hele kampeeruitrusting met zich mee zeulde (zet hem op Pim!!). De Puy Marie (1589 meter, bordnaam Col du Pas de Peyrol) was de uitsmijter vandaag en ook de laatste berg van het Centraal Massief.
Cols:
Col d'Entremont
Col du Pas de Peyrol
Vandaag de eerste 2 cols boven de 1000 meter. En als je dan op Loire niveau begint is het dus flink aanpoten. De aangekondigde temperatuur daling heeft nog steeds niet plaats gevonden, dat is dan ook de reden dat ik gestopt ben in la Chaisse-Dieu (wat een mooie naam trouwens ) wat op 1100 meter ligt en dus een flink stuk koeler is. De eerste col die ik vandaag gedaan heb heeft de mooie naam Col de Croix de l'Homme Mort. Wat bedoelen ze met Homme? Een man of een mens? In het Frans is beide mogelijk. Als het man is, dan voel ik mij niet zo sjofel als ik de top haal (en dood neer val?), mens is toch wat neutraler. In Zuid-Limburg heet een beklimming de Dode Man (je bent inderdaad behoorlijk dood als je boven aankomt). Is dit de NL evenknie van de FR col? Heeft dit een relatie met Neil Armstrong's uitspraak: a small step for (a) man, one giant leap for mankind? Armstrong heeft altijd gezegd dat hij de "a" bedoelde en ook zei maar dat er in the heat of the moment mogelijk iets mis ging. Dit mogelijke misgaan wordt hem nog steeds nagedragen aangezien zonder de "a" het een kul uitspraak is op een historish moment is. Dit soort filosofische overwegingen spelen, naast het genieten van de natuur, door mijn hoofd en maken het klimmen aangenaam.
Ik zit in een Chambre d'Hote van bejaard echtpaar die nog nooit van Wifi gehoord hebben. Gelukkig wonen zoon en kleinzoon er naast en mag ik meeliften op hun Wifi. Als je deze entry leest weet je dat het gelukt is.
Cols:
Col de Croix de l'Homme Mort
Col des Pradeaux
Ben je de de ene wijnstreek net uit zit je al in weer in de volgende: Beaujolais. De Beaujolais is net wat hoger dan de Bourgogne wat iets meer verkoeling geeft bij weer een warme benauwde dag. De klimmen zijn ook langer hetgeen resulteert in 2x zoveel hoogtemeters als gisteren. Lunchen is iedere dag een uitdaging omdat je bijna alleen maar door kleine plaatsjes rijdt die geen restaurant hebben. Heb je er dan eindelijk een gevonden (zoals vandaag in St. Just-d'Avray) dan ziet de eigenaar een bezwete fietser binnenkomen en vraagt vriendelijk waar je vandaan komt. De startplaats noemen levert al gefronste wenkbrauwen op maar als je ook nog zegt waar je naar toe gaat wordt je helemaal als de dorpsgek versleten. De daghap (ehh, sorry menu du jour) levert mij gelukkig genoeg calorieën op voor de rest van de fietsdag. De wegen zijn zo rustig dat je bij het beklimmen van de cols nauwelijks auto's tegenkomt. Als fietser maak je zo weinig geluid dat vogels en dieren zo maar oversteken. Het is een prachtig gezicht als buizerds vlak boven je overvliegen en hermelijnen 10 meter voor je de weg oversteken. Voor de beklimming van de laatste col liet ik mijn bidons vullen bij een café. Ik klaagde er over dat zelfs koud water uit de kraan met dit weer na 10 minuten fietsen al weer warm was. De eigenaresse had een goed idee: in iedere bidon 5 ijsblokjes. Ik moet zeggen, het klotste lekker tijdens het fietsen maar dat duurde niet lang want na 20 minuten was het ijs verdwenen. Experiment mislukt want een col beklimmen duurt toch flink wat langer.
Vandaag Feurs aan de Loire bereikt. Morgen richting Centraal Massief welke contouren ik in de verte al zie liggen.
Cols:
Col de la Croix de l'Orme
Col de Crie
Col de la Casse Froide
Col de Nuizières
Col de La Croix de l'Orme
Col des Cassettes
De route begint met een gedeelte van de Route des Grandes Crus (Chassagne-Montraget, Santenay). Voor de rest een afwisseling van Chateaus en kleine plaatjes op heuvels. Onder normale omstandigheden een mooie route maar niet als het ver boven de 30 is met een hoge luchtvochtigheid. Niet mijn weer dus en ik moest terug naar mijn enigste mogelijkheid om te 'overleven': tempo omlaag en zorgen dat lijntje niet breekt. Gelukkig vertrok ik vroeg en hoefde minder ver dan normaal omdat ik persê Cluny wilde bezoeken. Ik ben blij dat ik het gedaan heb, het is een heel leuk plaatsje met veel historie. Cluny was een klooster waar nu het plaatsje omheen is gebouwd. Mijn hotel staat op de ruïnes/fundamenten van de kloosterkerk, ik kan gezegend naar bed.
Cols:
Col de Brancion
Col de La Percée
Col des Quatre Vents
Met een grote boog westelijk om Dijon heen gaat de route over het Plateau de Langres naar de Bourgogne. Minder saai dan gisteren, het landschap gaat geleidelijk over van graan naar zonnebloemen en uiteindelijk naar wijngaarden. Bij Vernot moest ik even uit de broek om af te tappen op een, dacht ik, rustig weggetje. Komt er een Fransman op de fiets langs (ik had mijn broek net omhoog) en we beginnen een conversatie over van alles uitmondende in de EK perikelen van Frankrijk. Hij had een heel verhaal over dure over het paard getilde individualisten zoals Nasri en Benzema die geen teamplayers waren. Ik kom alleen maar knikken eendachtig de vergelijkbare situatie bij het NL elftal. Na een half uur moest ik er echt vandoor anders zou ik Beaune niet meer halen. 's Middags gaat het richting 35 graden dus ik doe het rustig aan. Een hotel in het centrum maakt het verkennen van Beaune gemakkelijk.
Geen cols vandaag alleen maar côtes waarvan 1 kreng van 10 km lang.
Dit was fietsen door de graanschuur van Frankrijk. Een saai parcours maar wel constant op en neer. De ontmoetingen zorgden voor de afwisseling. In het gehucht Chabol na de koffie vroeg de bar eigenaresse mij, gezien mijn dialect, uit welk gedeelte van Frankrijk ik kwam. Ik zei: Hollande, comme le nom de votre Président. In het gehucht Mailleroncourt stond ik bij de kruising stil om te ontrafelen waar de routebeschrijving me nu weer heen wilde sturen. Er ging een raam open en een bejaarde vrouw vroeg of ik naar het gehucht Melincourt moest. Verbaasd knikte ik Oui en, zo waar, haar richtingaanwijzing kwam overeen met de routebeschrijving. Volgens mij komen er alleen maar 100-collers langs deze route dus ik ben waarschijnlijk de zoveelste 100-coller aan wie ze het (deze keer zonder vragen) uitgelegd heeft. In Champlitte een hotel snel gevonden. Het lijkt wel een oude burcht met een smal ronddraaiend trapje naar boven en klein kanteel raampje voor het spaarzame licht.
Geen cols vandaag, alleen maar côtes.
Het is droog bij de start maar nog wel vochtig. De meeste klimmen in de morgen gaan in mistflarden met zonnestralen er doorheen. Erg mooi ook omdat route erg rustig is. 's Middags komt de zon er erg goed door en kan de zomer uitrusting aan. Om 16:00 in Grandvillers maar het hotel zit vol. Ik wordt vriendelijk verwezen naar de chambre d'hôte er tegenover die wel een kamer heeft. Uit dankbaarheid bij het hotel gegeten wat geen straf is omdat het een Logis de France is.
Cols:
Col de Valsberg
Col de St. Leon
Col de l'Engin
Col du Donon
Col de Praye
Col de Mon Repos
Om 12:30 uit Maarssen met flinke regen. In de Ardennen aquaplanen over de Belgische en Duitse snelwegen. Na Saarbruecken de Franse grens over en het is droog. Om 19:00 in Saverne. Na Italië - Engeland naar bed.